Dronken Maastrichtse praeses: Culpa in causa?
Tja, daar zit je dan dronken op straat, voor een plasje kots. Het overkomt wel meer studenten. Vervolgens wordt je gefilmd, zegt “Rot op”, maar doet daarna wel vrolijk mee aan de film door te vertellen dat je voorzitter van een dispuut bent, met je vriend naar bed bent geweest en wil tenslotte voor de camera hem zijn liefde betuigen. Vriend Frans heeft daar geen zin in en rent weg. Einde film.
In het strafrecht kan je niet aan een straf ontkomen door te zeggen dat je dronken was tijdens je daad. Je had dan op het moment dat je begon met drinken moeten bedenken dat je handelingen zou kunnen gaan verrichten waarvan je later mogelijk zou kunnen zeggen: dat heb ik nooit gewild. Je wil wordt als het ware teruggeplaatst in de tijd. In het civiele recht kennen we deze reis door de tijd niet.
Stel dat ik in een dronken bui tegen iemand zeg: “Ik wil niet dat je bij mij binnenkomt” en hem enkele seconden later vriendelijk bij mijn deur naar binnen wenk, bevindt hij zich dan onrechtmatig in mijn huis? Lijkt me niet.
Toch is op het vonnis in deze zaak niet veel aan te merken. Dat heeft te maken met de impact van content op internet. Het is een lastig en steeds groter probleem, hoe je informatie over jezelf op internet kan controleren. Feit is wel dat het aanspannen van een rechtszaak niet altijd de beste weg is. Ik zou dit filmpje zonder deze rechtszaak nooit gezien hebben, maar inmiddels dus wel (er zwerven nog altijd kopieën rond).
Geenstijl had het filmpje al verwijderd en kreeg daarna een dagvaarding. In reactie daarop werd het filmpje weer teruggeplaatst. Irritatie wekken van een site die er genoegen in stelt mensen te irriteren is niet erg verstandig. Het honoreren van deze “wie kaatst moet de bal verwachten”‑strategie zou volgens de rechter frustratie van fair trial opleveren (art. 6 EVRM): een verzoek aan de rechter om een publicatie te verbieden zou dan een legitimatie vormen om dezelfde content te publiceren. Vreemd is het natuurlijk wel om een partij te dagvaarden content te verwijderen, als ze daar al aan voldaan hebben. Het getuigt niet van veel tact om iemand te dwingen iets te doen wat hij al gedaan heeft. Te meer daar Geenstijl uitblinkt in tactloosheid (humor, geregeld best om te lachen, maar veelal ten koste van anderen) geen slimme actie van de inmiddels afgestudeerde juriste.
Al met al getuigt het niet van veel respect om kotsende, brallende, etc. mensen publiekelijk aan de schandpaal te nagelen. Dat is wat er door het filmpje en de daarbij geplaatste reacties gebeurde. Ik ben weliswaar van mening dat de betreffende studente het aan haarzelf te wijten heeft dat ze gefilmd is, maar zie daarin geen rechtvaardiging om de daardoor vervaardigde content op een zo breed toegankelijk medium als internet (tot in lengte van dagen) beschikbaar te stellen.
Arno R. Lodder